Els: Emmaus, ik word er stil van

24 juli 2023

Door Els van Weijen, Dordrecht

Zoals zo vaak verbaas ik me erover hoe verschillend Nederland kan zijn. Een uurtje met de trein van Dordrecht naar Den Bosch, dan drie keer met mijn ogen knipperen in de auto en ik sta in landelijk Helvoirt, bij een voormalige klooster waar nu bezinningscentrum Emmaus een plek heeft gevonden. Ik had het eigenlijk moeten turven, want het is ongelooflijk hoe vaak er naar me geglimlacht wordt in alleen al het eerste uur dat ik er rondloop.

Het is ongelooflijk hoe vaak er naar me geglimlacht wordt in alleen al het eerste uur dat ik er rondloop

Ik geniet van de ambiance: lange stille gangen, schilderijen die mooi zijn in hun eenvoud, nog bijna tastbaar de aanwezigheid van de kloosterlingen die hier ooit woonden. Maar ook moderne faciliteiten. In aangebouwde gedeeltes kan ik me ook zomaar in een hotel wanen. De warme maaltijd die ’s middags wordt geserveerd zou daar ook niet misstaan. 

Ik loop er rond op een donderdag en hoor namen van bekende organisaties die er vergaderen. Een medewerker vertelt dat er ook retraites zijn, vaak christelijke groepen die er een paar dagen samen optrekken. Vierhonderd mensen kunnen zij zonder veel moeite een plek geven. Ze leidt me rond door het oude gebouw. We stappen een dienstlift in waar nog een stokoude sticker opgeplakt zit: “Alleen in het gebouw? Dan niet in de lift! Samen in het gebouw? Dan één tegelijk.” Hoeveel jaren voordat de mobiele telefoon normaal werd zou die sticker geplakt zijn?

De lift doet gelukkig zijn werk. We komen op de eerste en tweede verdieping, lopen rond door de gangen waar kloosterlingen leefden die werden voorbereid op de missie, staan stil in een zaal waar vierhonderd stoelen klaarstaan voor een vergadering en een grote crucifix aan de wand laat zien om wie het echt gaat.

Later dwaal ik rond door het kleine bos achter de gebouwen. Aan het einde van een laan strekt een beeld van Jezus zijn handen naar me uit. Later vind ik zijn gestalte aan een kruis, terwijl in een nis dichtbij een beeld van Maria staat. Om mij heen gaat het landelijke leven zijn gangetje: koeien struinen voorbij (gelukkig aan de andere kant van prikkeldraad). Als ik terugkom hoor ik een groep mannen uit volle borst zingen: Laat Uw kracht zien!

Wat een plek… Ik spreek met een vrijwilligster uit Irak die zegt dat ze hier de liefde van God ziet in de mensen om haar heen, waar onbekende bezoekers haar een knuffel geven, en andere vrijwilligers en medewerkers voor haar bidden. Ze vertelt dat vluchtelingen er vaak zo van balen dat ze hun mooie diploma’s niet kunnen gebruiken. Maar, zegt ze, hier werk je in het huis van God. Dan maakt het niet meer uit wat je achtergrond is. Ik ben er stil van. 

Iedereen die mij kent weet dat ik niet lang stil blijf. Later op de middag spreek ik nog een vrijwilliger, een jongen van zeventien. Welke jongen van die leeftijd wil zijn tijd besteden aan vrijwilligerswerk?! Maar hij zegt dat het “vet” is om werk te verrichten waar andere mensen blij van worden. Later wil hij trouwens bij de politie, niet om boetes uit te delen, maar om in gesprek te gaan als mensen foute keuzes maken. Hij wil graag een positieve invloed zijn. Zeventien!! Wat voor ambities had ik op die leeftijd? Stewardess worden, als ik het me goed herinner…

Hij zegt dat het “vet” is om werk te verrichten waar andere mensen blij van worden.

Ik zit een tijdje buiten, hoor in de verte de mannen weer zingen. De mensen die mij kennen weten ook dat ik wat cynisch kan worden over liedjes, maar dit is anders: ik hoor er kracht en overgave tegelijk in. Ik dwaal weer richting het kleine bos en zit op een bankje bij het beeld van Christus. Ik probeer stil te worden, me niet af te laten leiden door mijn telefoon of mijn eigen tetterende gedachten. Ik kijk naar het beeld van Christus, naar de uitgestrekte handen, naar de vingers die beschadigd zijn, maar zich nog steeds uitstrekken. Is dat ook niet hoe Jezus echt is: dat Hij zich altijd naar ons uitstrekt, hoeveel pijn het Hem ook kost? 

Wat betekent dat voor mij? Dat weet ik nog niet precies, behalve dat ik net als Hij zonder angst voor de pijn mijn handen zou willen uitstrekken, naar Hem, naar de ander, precies zoals ze doen op deze plek. 

Andere berichten

Momenteel is er geen bericht aanwezig.

Wil je onze nieuwsbrief ontvangen?

Volg ons op Social Media!